‘CORONASTREET’ stond met viltstift geschreven op stukken karton langs de gangen van het Spaarne Gasthuis in Haarlem. Ik was op 20 maart bij de afdeling Spoedeisende hulp in een rolstoel gezet en door een paar ziekenhuismedewerkers met blauwe pakken, brillen, handschoenen en mondkapjes naar de quarantaineafdeling geduwd. Ik had al een week last van koorts, hoesten en hoofdpijn. Er was alle aanleiding om mij te verwijzen naar het ziekenhuis voor een coronatest, nadat de huisarts ook nog in mijn bloed een te lage zuurstofwaarde mat.

De uitslag liet een paar dagen op zich wachten maar gelukkig bleek na twee testen dat ik geen corona had maar een ‘gewone’ longontsteking en kreeg ik een infuus, antibiotica en extra zuurstof, toegediend via een plastic slangetje in mijn neus. Ik ben totaal zes dagen opgenomen geweest waarvan vier in de quarantaineafdeling. Na ontslag uit het ziekenhuis was ik vijf kilo afgevallen en kon ik thuis met moeite de trap oplopen. Volgens mijn huisarts had ik veel geluk gehad. Om te voorkomen dat ik alsnog besmet zou worden met corona adviseerde zij een maand thuisisolatie. Zes weken later had ik een vervolgconsult bij de longarts. ‘Mijn conditie is veel beter!’ zei ik enthousiast. Terwijl de longarts met een schuin ook naar de röntgenfoto keek stelde hij een bloedonderzoek voor naar antistoffen corona. Acht mei belde hij mij de uitslag door: ‘Je had toch corona!’

De eerste dagen in het ziekenhuis waren er door de hoge koorts allerlei bizarre beelden boven komen drijven zoals paard- en-wagens met lijkkisten. Mijn moeder had verteld dat zij die als jong meisje vaak voorbij zag komen in de periode van de Spaanse griep. ‘s Nachts was ik bang dat het slangetje met zuurstof ongemerkt uit mijn neus zou schieten!  Later op de longafdeling kreeg ik nog steeds extra zuurstof, maar ik was gelukkig niet meer verward en probeerde een eerste reconstructie te maken van de gebeurtenissen van het afgelopen jaar.

Reconstructie

Op mijn mobiel noteerde ik een aantal steekwoorden. De laatste maanden waren turbulent geweest: het overlijden van mijn schoonmoeder eind februari;  mijn actieve deelname aan de organisatie van het afsluitende congres van ‘De Week van de psychiatrie’ op 28 maart. en het cancelen van dit evenement vanwege de maatregelen na de uitbraak van de corona, volgens Minister-president Rutte de grootste crisis sinds de Tweede Wereldoorlog.

Tijdens mijn reconstructie kwam ik tot de conclusie dat  mijn kritiek op de ‘marktwerking’  in de GGZ opmerkelijk vaak werd gedeeld door psychiaters, psychologen, verpleegkundigen bij GGZ-instellingen en GGZ-patiënten. Wat dat betreft had mijn boek net zo goed  ‘Help, de GGZ verzuipt!’  kunnen heten!

Meer kritiek op GGZ

Ook In de landelijke media kwam er steeds meer kritiek, met name op de lange wachttijden en labels in de GGZ zoals bijvoorbeeld in  het programma van BNN: Tycho in de psychiatrie. In het programma  ‘Gewoon Gek’ van ‘VPRO Tegenlicht’ werd door verschillende partijen gepleit voor een radicale vernieuwing van de GGZ. Veel media-aandacht kreeg GGZ-patiënte Charlotte Bouwman met de door mij gesteunde protestactie van haar organisatie ‘Lijm de zorg’ bij het Ministerie van VWS. (foto De Limburger)
Gelukkig kreeg de politiek wat meer aandacht voor de problemen in de GGZ maar de sleutel ligt volgens mij toch bij de zorgverzekeraars.

De GGZ dreigt te verzuipen

‘De GGZ dreigt te verzuipen (hersenen krijgen te weinig zuurstof) door quickfit-GGZ, wachtlijsten en bureaucratie. De zorgverzekeraars zijn vooral bezig om allerlei data te verzamelen die niets zeggen over de kwaliteit van de GGZ-aanbieder.’ schreef ik in een reactie op een blog van psychiater Bram Bakker in Joop.nl. In de GGZ wordt er helaas nog steeds heel veel tijd en geld besteed aan activiteiten om zogenaamd betere GGZ-aanbieders te selecteren met behulp van vragenlijstjes, particuliere keurmerken, value- based healthcare, zorgkaart.nl en last but not least omzetplafonds. Ik heb grote twijfels of deze instrumenten gebaseerd zijn op gedegen wetenschappelijk onderzoek, en daar sta ik zeker niet alleen in, zie bijvoorbeeld Jim van Os.
Deze instrumenten zijn eerder een uitwas van een vergelijkbaarheidsmythe, ontsproten aan de breinen van een aantal managers van zorgverzekeraars en commerciële GGZ-instellingen. Het resultaat is dat ggz -professionals het Spaans benauwd krijgen van alle administratie en dat hun productiviteit daalt.  Vrijgevestigde ggz-aanbieders hebben al jaren forse kritiek op de tekenen-bij- het-kruisje-contractering door zorgverzekeraars. Een gevolg daarvan is dat zij selectiever worden bij het afsluiten van contracten met zorgverzekeraars. (Zie ook bericht LVVP)

Omzetplafonds

Een groot punt van ergernis zijn de omzetplafonds die een aantal grote zorgverzekeraars hanteren. Zo kreeg ik zelf liquiditeitsproblemen nadat ik in het voorjaar van 2019, twee maanden na de uitgave van ‘Help, de psycholoog verzuipt!’ onverwacht een navordering kreeg van een zorgverzekeraar over het contractjaar 2016 omdat in 2018 bleek dat onze praktijk te veel patiënten van deze verzekeraar had behandeld.  Na een aanvankelijke toezegging weigerden zij met mij te overleggen en het resultaat was dat ik bijna drie duizend euro moest afrekenen. Ik had op dat moment als ‘pensionado’ geen beschikbare reserves en tot overmaat van ramp stond mijn bank niet toe dat ik een paar maanden rood kon staan. Gelukkig had ik nog een weinig gebruikte creditcard waarmee ik kon tanken en boodschappen doen bij de Jumbo. Dat ik juist in die periode enorm veel positieve reacties op mijn boek kreeg was hartverwarmend en sterkte mij om nog meer energie te steken in mijn strijd tegen de ‘gemankeerde marktwerking’ in de GGZ.
Die periode probeerde ik maar zo goed mogelijk te overleven met een minimaal budget. In het weekend ging ik regelmatig jammen in het Haarlemse muziekcafé ‘La Pien Noir’ en verdiende daarmee regelmatig een paar gratis biertjes.

Emotionele belasting GGZ-aanbieders

Van alle beroepsgroepen zeggen psychologen, artsen, verpleegkundigen en maatschappelijk werkers het vaakst dat ze hun baan emotioneel veeleisend vinden.’ (Centraal Bureau voor de Statistiek, 2018). In dit artikel heb ik een aantal voorbeelden gegeven van emotionele belasting van GGZ-professionals. In mijn boek ‘Help de psycholoog verzuipt!’ worden deze voorbeelden nog verder uitgewerkt. Mijn verwachting is dat de vraag naar GGZ-hulp na de Corona-crisis explosief zal gaan stijgen. Het is hoog tijd voor verandering. Mijn advies aan zorgverzekeraars is dan ook:
‘Geef GGZ-professionals de ruimte, zij hebben behoefte aan zuurstof en niet aan stikstof!’

Frits Bosch, Gz-psycholoog, schrijver ‘Help, de psycholoog verzuipt!